VI. Activisme

De zomervakantie is voorbij. Ik zit weer in de mediatheek van de academie te werken en de stapel met boeken die ik wil gaan lezen is gestaag aan het groeien. Dit is mijn afstudeerjaar, over pak hem beet negen maanden ben ik klaar met mijn opleiding Creative Writing.

Ik schreef al eerder dat ik het gevoel heb dat ik van alles moet. Ik moet naar veel evenementen om te netwerken, elke dag schrijven, uitgaan want mijn leeftijdsgenoten doen dat ook, drugs gebruiken, sporten, gezond eten en ga zo maar door. Vorige week voelde ik me verlamd. Ik zat na te denken over de verplichtingen die ik heb en hoe mijn weken eruit zouden gaan zien en kwam erachter dat het nu al zo vol was dat ik nauwelijks tijd had om te schrijven. Ik raakte in paniek, en het was alsof alles waar ik zo blij mee was in de zomer in één keer door de wc werd gespoeld. Deze zomer was er tijd en ruimte, ik heb gelezen, ik heb nagedacht, ik ben met Krul geweest en er leek geen einde te komen aan de dagen waarop we samen helemaal niks deden.

Dit jaar ga ik verder met mijn onderzoek naar seksualiteit, vrouw-zijn en feminisme en er is wat bijgekomen, namelijk dat ik ook het activisme wil onderzoeken. Ik denk vaak: ik kan wel lekker vanachter mijn laptop schrijven over problemen, maar dat lost niets op. Ik moet ook iets gaan doen. Er zijn veel acties van dierenrechtenactivisten waar ik aan mee wil werken, omdat ik ook echt iets wil toevoegen en veranderen. En de bio-industrie gaat me aan het hart. Ik eet nu een jaar veganistisch en dat heeft mijn kijk op hoe wij dieren mishandelen veranderd.

Dat gevoel van iets doen, dat is ook precies wat me in de weg kan zitten. Ik dacht tijdens mijn inzinking vorige week aan alle dingen die ik zo graag wil doen dat ik geen tijd meer heb om te ademen en eerder schreef ik al over hoe belangrijk rust is, hoe nodig het is om je fijn te voelen. Om zin te hebben in seks, om na te kunnen denken over seksualiteit, over mijn rol als lesbische schrijver. Daarom heb ik besloten met een aantal dingen te stoppen, zodat ik alleen naar school en naar mijn werk hoef. Zodat ik dit jaar kan focussen op wat ik wil maken, wat ik wil vertellen.

Deze week was er een avond van Studium Generale en boekhandel WALTER genaamd The Art of Feminism, How To Move From ‘I’ To ‘we’? Het ging over de manier waarop, zoals de titel al zegt, je je als individu kan verbinden aan een groep om zo een verschil te kunnen maken. Hier ging het dus ook over activisme. Eén van de sprekers was Adeola Enigbokan, kunstenaar en urbanist. In het nagesprek vertelde een groep studenten dat ze strijden voor trigger warnings bij heftige films die tijdens college worden getoond, zodat studenten met bepaalde trauma’s de les kunnen verlaten. Adeola antwoorde dat de groep zich niet op de warnings zou moeten richten, maar op het feit dat zoveel studenten mentale problemen hebben, want dat is waar het echt over gaat. En dat zette me aan het denken. Ik vond het interessant en ook inspirerend hoe zij ons allen toesprak, met overgave en met het idee dat als je je verenigt je ook echt iets kunt veranderen.

Ik hoop, door te schrijven en in actie te komen, een antwoord te vinden op de vraag hoe ik zelf de veranderingen die ik voor ogen heb kan bereiken.

Dit is het zesde blog van Willemijn Kranendonk voor #diversitystories.

Nieuwste artikelen