Out of office

Ik hoop dat je een fijne vakantie gehad hebt. Ik hoop dat je hebt gereisd en nieuwe mensen hebt ontmoet en nieuwe ervaringen hebt opgedaan. Misschien ben je deze zomer naar Frankrijk geweest, op bezoek bij een gepensioneerd familielid dat een huisje heeft in de streek rond Marseille. Misschien heb je zes weken in je eentje rondgetrokken door Azië of heb je met je vrienden een stedentrip gemaakt naar Berlijn. Ik heb geen spannende zomer gehad. Ik heb gekampeerd op Schiermonnikoog en ik heb gezwommen en gelezen en eenmaal thuis heb ik te veel Netflix gekeken en vooral niet nagedacht over mijn genderidentiteit. En het was heerlijk.

In haar Netflix-special Nanette heeft comédienne Hannah Gadsby het over een discussie over gender-labels. Deel van de grap is haar uitspraak over hoe ze zichzelf dan identificeert: als tired. Dat begrijp ik. Komend jaar ga ik afstuderen aan mijn studie Creative Writing en ik probeer me mentaal voor te bereiden. De komende vier maanden gaan compleet in het teken staan van het schrijven van mijn scriptie (over de representatie van non-binaire en transgender personages in naoorlogse Nederlandstalige fictie) en de rest van het jaar zal ik werken aan mijn eindwerk: een novelle met een non-binair hoofdpersonage. Ik vrees dat ik een tijdje niet zal kunnen ontsnappen aan het onderwerp gender en dat is oké. Het is zelfs belangrijk en nodig. Maar het is ook vermoeiend om iedere dag mee bezig te zijn. Daarom stel ik mezelf deze zomer geen vragen over hoe ik me identificeer, hoe andere mensen me zien, of waarom ik me voel zoals ik me voel. Ik heb vakantie.

Het is niet dat ik mensen niet zie kijken bij het toiletgebouw of niet hoor fluisteren op het terras.
Het is niet dat ik, wanneer ik het brede strand van Schiermonnikoog op loop, me niet afvraag waarom de wereld zo in elkaar zit dat we met z’n allen vinden dat mensen met borsten een bikini moeten dragen.
Het is niet dat ik me niet schaam voor mijn hoge stem wanneer ik moet inchecken bij de campingbalie. Maar ik kies ervoor om die gedachten niet de overhand te laten nemen. Ik voel ze in me opkomen, luister er even naar en parkeer ze dan, om er later naar te kijken.

Ik besef dat ik ontzettend gepriviligeerd ben, want niet iedereen kan dat zomaar zeggen. Ik heb de mogelijkheid om me terug te trekken, omdat ik nog steeds word gelezen als een cisgender vrouw en omdat mensen die identiteit vaak niet als aanstootgevend ervaren. Al is het niet fijn, want een vrouw ben ik nog steeds niet. Ik kies er alleen tijdelijk voor om te proberen me geen zorgen te maken over hoezeer dat feit niet lijkt te passen in deze wereld.

Dat kan alleen maar door je wereld ontzettend klein te maken. Zo klein, dat je de rest nauwelijks waar kunt nemen. En in dat ingezoomde Erik of het klein insectenboek-wereldje is alleen plaats voor een paar mensen. ‘You are going to need to find your freak family’, zegt Ivan Coyote, auteur van Tomboy survival guide. Mijn freak family zijn mijn vriend en mijn kat en mijn bank en mijn laptop met een ononderbroken marathon van onze favoriete serie. En het verkoelende getik van regen tegen het raam na een gloeiend hete zomer.

Dit is het vierde blog van Lot Veelenturf voor Diversity Stories.

Nieuwste artikelen